Lieve volgers,
Hier spreken drie begeleiders vanuit de cabine van de crafter in niemandsland tussen Servië en Macedonië. We beginnen maar vast met het typen van de blog daar het vooruitzicht niet al te rooskleurig is. We zijn momenteel de grens van Servië gepasseerd, maar Macedonië lijkt nog ver weg. Nadat we eerst een keer of vijf van rij moesten verwisselen ( Douanier: ‘’please stand in line with the trucks!’’ Wij: sir, we’re not a truck..’’Yes you are!’’ You are right sir, we’ll stand in the other line. Andere rij: ‘’What are you doing here? You are not a truck!’’ We know, but… yes… oke… we’ll go back to the other line. Andere rij: ‘’WHAT IS YOUR PROBLEM?!?! I told you to stand in line with the trucks!!’’ En dit herhaalde zich nog een paar keer) mochten we eindelijk door. Althans, een meter of drie. Nu staan we hier al anderhalf uur te wachten en gaan we de beste man zo 10 euro overhandigen in ruil voor een door de man zelf geschreven vals kenteken bewijs voor de trailer. U denkt nu vast: wat zielig! Maar gelukkig zijn ze wel snel en zonder al te veel problemen Servië uitgekomen!’’. Fout! Wij nemen u mee terug in de tijd naar 22 augustus 2012 om zeven uur ’s ochtends. Dit zal de meest vermoeiende dag worden van de hele reis.. Vanochtend ging de wekker een stukje eerder af dan normaal. Door de extreme temperaturen in Servië hadden de fietsers besloten om een uurtje vroeger te vertrekken. Klaar voor het ontbijt, dat tot onze grote vreugd was inbegrepen vandaag, liepen we de eetzaal in. Er was niemand te bekennen en we besloten te wachten. Na een half uur kwam er een chagerijnige man de zaal binnen lopen. Waar de eerder vriendelijk overkomende eigenaar ons had belooft van een goed ontbijt te voorzien, kregen wij de keuze uit een pistolet met bratwurst und mustarde of uit een broodje met jam. En met broodje bedoelen we ook echt een broodJE. Een vergrootglas was geen overbodige luxe geweest. Enfin, tien minuten later konden de renners smikkelen van een ontbijt van de begeleiders. Achterop de pickup aan de kant van de weg werd een noodontbijt geklust en later dan gepland konden we eindelijk vertrekken. Teleurstelling één van de dag was
een feit.

Gelukkig verliepen de eerste kilometers soepel en keken de renners uit naar de snelweg die schitterend tussen de bergen zou kronkelen. Daarvoor moest er wel eerst gereden worden over een weg met vervelende kinderkopjes en gaten in de weg. Voor de meeste renners leverde dit wat lichte pijntjes op. Vooral de achillespees van Ted kreeg het zwaar te verduren, maar na een tapesessie van dokter Kalma kon iedereen zich opmaken voor de racebaan. De route van vandaag was niet lastig te vinden. Één route, één weg en één doel: tweehonderd kilometer fietsen en zo snel mogelijk naar Macedonië! Het enige ‘’lastige’’ dat deze dag moest gebeuren was het omzetten van de tomtom naar de autoroute. Dit bleek moeilijker dan gepland en na zo’n veertig kilometer kwamen de bestuurders van de Vito erachter dat de wandelroute was gevolgd. Dit hoefde niet per se een ramp te zijn, want als we de route door zouden rijden dan bestond zelfs de mogelijkheid dat er een stuk afgesneden zou worden. Kleine kanttekening bij dit verhaal is dat twintig van de veertig kilometer een slingerweg was die met een helling van 25% de berg op kroop. Waar normaal gesproken energie gespaard kon worden op de snelweg, waren de tanks van de renners op de berg al half leeg. Eenmaal op de berg en na het uitspreken van de nodige irritaties stonden we voor een lastige keuze: linksaf, rechtsaf of terug naar de voet van de berg en de snelweg pakken. De laatste optie werd al vrij snel weggestreept. De andere keuze was na het praten met een local, die een hotel beheerd boven op de berg, ook niet meer zo lastig. Hij vertelde ons dat we rechtsaf moesten slaan, vervolgens drie kilometer over een slechte onverharde weg bergop moesten rijden en daarna op een asfaltweg konden afdalen. Ook zouden we dan uitkomen in het dorp waar we oorspronkelijk lunch zouden hebben. Na een kort overleg besloten we het advies van de man, die vrij zeker van zijn zaak leek, op te volgen. Wie zou dat nou niet gedaan hebben?! Na een minuut of drie bleek de slechte weg waar de man het over had een groot understatement te zijn. Gaten werden afgewisseld door rotsen en het verradelijke zand was gladder dan de schaatsbaan waar Sven Kramer een paar jaar geleden zijn wereldtitel verpestte door de verkeerde baan te nemen. Ik denk dat wij nu allemaal weten hoe hij zich gevoeld moet hebben.. Met vallen en opstaan werd lopen met fietsen afgewisseld en toonden de renners zich ware atleten. Wel werd duidelijk dat de weg niet langer dan de beloofde drie kilometer moest gaan duren, maar na een kilometer of negen leek een waar drama in de maak. De renners zaten er doorheen, tien liter water is achtergelaten op de berg waardoor er geen druppel meer over was, boven op de berg was geen bereik, iedereen was ons kwijt en tot overmaat van ramp raakte de tank van de Vito ook nog eens leeg. Teleurstelling twee, drie, vier en vijf waren onvermijdelijk en het feit dat er al vijf teleurstellingen waren maakte de zesde compleet.. Zowel de renners als de Vito zagen na nog anderhalf uur vechten tegen de zon, met de laatste druppels benzine in hun motor, plotseling iets dat leek op asfalt. En dat wat op asfalt leek bleek ook nog eens een weg te zijn en om het feest af te maken ging de weg steil naar beneden! Het voelde als een pretpark: je staat uren te wachten en af te zien in de rij, maar vervolgens heb je twee minuten de tijd om te genieten! Binnen no-time waren de renners beneden, gevolgd door de Vito die zonder motor omlaag is gerold. Eenmaal beneden werd het voor Hennie even te veel. Semi-uitgedroogd en zonder energie in zijn lichaam trok hij wit weg en had hij alle ondersteuning nodig om niet knock-out te gaan. Gelukkig kwamen we een stel locals tegen die ons brachten naar een nabij gelegen tankstation waar we de renners van drinken en de vito van diesel konden voorzien. Hennie krabbelde weer op en kreeg gelukkig weer wat kleur op zijn gezicht. Het spannende avontuur was eindelijk afgelopen. Behalve voor Rogier, die als onderpand voor acht euro diesel anderhalf uur heeft moeten wachten op Ko en Lodewijk die de pompbediende af konden betalen. Dezelfde Ko en Lo hadden in de tijd ervoor al een lunch klaargemaakt en kregen na een radiostilte van een aantal uur eindelijk een telefoontje. Geschrokken door het bizarre verhaal hebben zij hals over kop de lunch in de auto gegooid en zijn direct naar de renners gereden. In een Servisch militair gebied konden Pim, Ted, Hennie, Hoef, Barry en Roberto, we noemen ze bewust allemaal bij hun naam om aan te geven dat deze gasten de grootste uitdaging van de hele tocht hebben overwonnen en hiervoor een hoop respect verdienen, dan eindelijk een hapje eten. De saus ontbrak, maar de pasta is nog nooit zo dankbaar gegeten. Het camerateam was ondertussen druk bezig om teleurstelling zeven af te ronden. De chauffeur had geen navigatie en is afgegaan op de Lifesafe tracker die een van de fietsers bij zich had. U raad het al, ook zij zaten op de berg. Het enige verschil met de anderen was dat zij geen local waren tegengekomen en niet rechts, maar linksaf waren geslagen bij het hotel. Dit bleek een nóg slechtere keuze. Na een kilometer of tien kwam de pickup vast te zitten in een modderpoel boven op de berg. Omringd door koeien, die op merkwaardige wijze tevoorschijn kwamen, hebben ze met man en macht de pick-up uit de modder kunnen duwen en zijn ze achteruit van de berg gereden. Na een drie uur durend avontuur hebben ze toch de snelweg gepakt en het is dan ook niet raar dat zij bij de hereniging met de rest een dubbele hoeveelheid op hun teller hadden staan. Het stuk na de lunch verliep soepeler. Behalve voor Ko, Lo en Ro die eerst terecht kwamen op een weg die wel op de tomtom stond, maar dood liep op de grens van Macedonië. Een tankafscheiding hield ze tegen en omdraaien was onvermijdelijk. Gelukkig konden de renners nog op tijd ingelicht worden. Michiel Hoefnagels zorgde persoonlijk voor teleurstelling acht voor zichzelf en hoogtepunt één voor de rest. Bij de grens had hij een put met langwerpige tralies over het hoofd gezien en hij dook er dan ook recht in. Met een halve salto vloog hij Servië uit. Gelukkig viel de schade erg mee en hebben we samen met een bus vol met kinderen voor het eerst die dag weer eens goed kunnen lachen! Nadat de renners een half uur op de grensovergang hebben gezeten en een paar telefoontjes met de ambassade hebben moeten plegen zag de bemanning van de crafter ze Macedonië in rijden, terwijl zij druk bezig waren met rijtje wisselen.

Acht teleurstellingen later rijden we nu eindelijk Macedonië binnen. Over drie kilometer wacht de rest van de groep op ons met een pizza en een koude cola. Faassen, Passie en Seppie hebben een hotel geregeld met een zwembad waar we straks met zijn allen even zullen afkoelen. De dag eindigt dan wel op 170 kilometer, iets minder dan gehoopt, maar wij zijn er van overtuigd dat iedereen het wel goed vind zo! Met een groot avontuur in ons achterhoofd en een voorzichtige glimlach op ons gezicht duiken wij zo lekker ons bed in.
Morgen weer een dag!

De begeleiders